Meer inzicht (leegstaand) onderwijsvastgoed

E-mailadres Afdrukken

Op vrijdag 17 februari 2017 is de eerste Landelijke Monitor Leegstand gepresenteerd. De resultaten stroken nog niet met de praktijk, maar het is een begin van een betere vastgoedregistratie, ook voor het onderwijs.

 

Digitaal dashboard
Via een digitale dashboard op de website Centraal Bureau voor de Statistiek kan iedereen zien hoeveel vastgoed er volgens vier landelijke basisregistraties leeg staat. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in verschillende functies, waaronder onderwijs. De monitor is gebaseerd op de basisregistraties voor Adressen en Gebouwen (BAG),  Personen (BRP), Waarde Onroerende Zaken (WOZ) en het Handelsregister. Via diverse selecties is de administratieve leegstand in onderwijsvastgoed per gemeente en per provincie in 2015 en 2016 te vinden. Ook kunnen eenvoudig allerlei vergelijkingen worden gemaakt.  In die zin een mooie tool.

Veel administratieve leegstand
De monitor laat ook zien hoeveel onderwijsvastgoed er in 2015 en 2016 als zodanig in Nederland geregistreerd staat; in 2015 een kleine 29 miljoen m2 en in 2016 0,3 miljoen m2 minder.  Daarvan stond volgens de gehanteerde methode zowel in 2015 als in 2016 8 % administratief leeg, dus ook zonder vestiging van bijvoorbeeld een kinderopvangbedrijf, huiswerkinstituut of zorgorganisatie.  Als deze cijfers kloppen met de werkelijke situatie heeft een flinke hoeveelheid maatschappelijk vastgoed geen (maatschappelijke) functie meer.

Verschillen om leegstand per regio
In Limburg, Overijssel, Gelderland en Utrecht is de administratieve leegstand in onderwijsvastgoed relatief gezien en uitgedrukt in m2 het grootst (10 tot 12%). Als gekeken wordt naar het absolute aantal objecten, voeren Noord en Zuid-Holland en Noord Brabant de lijst aan. In de gemeenten Soest, Delft, Nijmegen, Meppel en Oirschot staat 31 tot 41% van het oppervlak onderwijsvastgoed administratief leeg.
 
Lastig te duiden, maar een goed begin
De resultaten uit de monitor zijn nog lastig te duiden. Of een administratief leeg gebouw ook daadwerkelijk leeg staat, is nog niet gecheckt. Ook kunnen er fouten zitten in de landelijke basisadministraties. Dat in dit geval ook de WOZ en het handelsregister als bron zijn gebruikt is een verbetering ten opzichte van eerder leegstandsonderzoeken.

“Er is nog van alles op de Monitor aan te merken, zowel wat betreft de gebruikte definities als de betrouwbaarheid. Maar het is een begin; zowel voor een betere monitor als voor betere vastgoedregistraties,” aldus Ingrid de Moel van Bouwstenen die bij de presentatie aanwezig was.
Pim van den Berg, gedeputeerde van de Provincie Utrecht, is blij met de Monitor. In zijn provincie staan veel kantoren, scholen en ander maatschappelijk vastgoed leeg. De monitor is goed bruikbaar om het gesprek daarover aan te gaan. Ook zou de monitor in de toekomst uitgebreid kunnen worden met gegevens over energie en andere data. Patricia Hoytink-Roubos, wethouder in Berkelland, pleitte tijdens de presentatie voor een betere vastgoedregistratie in de volle breedte.

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Agenda

Geen evenementen

mei uitgave

Partners