Wilbert van Rongen, Hofstede Praktijkschool: "In onze school zijn de touchscreens geen luxe"

E-mailadres Afdrukken

De Hofstede Praktijkschool in Den Haag heeft in april het nieuwe gebouw in gebruik genomen. De school heeft een uitgesproken luxe uitstraling en is voorzien van een professionele fitnessruimte, goed uitgeruste gymzaal en flexibele theorie- en praktijklokalen, waarvan er 17 zijn uitgerust met moderne 65 inch touchscreens. Directeur Onderwijs Wilbert van Rongen is heel trots op het nieuwe gebouw, dat in alle opzichten op maat is ontworpen om onderwijs te kunnen geven aan moeilijk lerende kinderen. “In het oude gebouw boekten we al goede resultaten met ons concept, maar dit nieuwe gebouw faciliteert onze visie op onderwijs veel beter.”

De Hofstede Praktijkschool maakt deel uit van de Haagse Colleges, een cluster van zes scholen voor voortgezet onderwijs, dat valt onder het bestuur van Lucas Onderwijs. Er wordt praktijkonderwijs gegeven aan moeilijk lerende kinderen, een soort onderwijs die door het ministerie inmiddels niet meer als speciaal onderwijs wordt aangemerkt, maar wel wordt gekenmerkt door veel individuele begeleiding van de leerlingen. Omdat het praktijkonderwijs maar zo'n klein onderdeel is van het voortgezet onderwijs wordt er landelijk weinig voor ontwikkeld en zijn de scholen voor het ontwikkelen van methoden op zichzelf aangewezen. “We zijn erg afhankelijk van de creativiteit van de eigen mensen. Wij zagen de nieuwbouw als een uitdaging om onze visie op de invulling van het onderwijs gestalte te geven in het gebouw.”

Kleine groepen

De kinderen die naar de Hofstede Praktijkschool gaan komen na het basisonderwijs binnen met een grote leerachterstand, van minimaal drie jaar. Door de daaruit voortvloeiende sociale en gedragsproblemen hebben ze behoefte aan geborgenheid en veiligheid. Daarom zitten ze in kleine klassen van 15 leerlingen en hebben een mentor, die verantwoordelijk is voor alle theorievakken en een band met de kinderen opbouwt. De praktijkvakken worden door vakdocenten gegeven, in groepen van maximaal 8 leerlingen om iedereen voldoende aandacht te kunnen geven. “Vanuit die gedachte hebben we behoefte aan wat kleinere theorielokalen en wat grotere praktijklokalen, om vooral die praktijkvakken wat meer handen en voeten te kunnen geven.”

Luxe voorzieningen

Om dat concept te ondersteunen is de school onder begeleiding van Kees Boks, hoofd facilitaire zaken en beleidsmedewerker financiën van de Haagse Colleges, nauw betrokken geweest bij de realisatie van het gebouw. Dat is goed te zien, want wie een praktijklokaal binnenloopt weet meteen welk vak er wordt gegeven. Het lokaal 'dienstverlening' is voorzien van een winkel, compleet met computers, inpakbalie en een kassa met loopband. Het lokaal voor 'zorg en welzijn' is uitgerust met een ziekenhuisbed, benodigdheden voor een nagelstudio, een kappersstoel waar haren gewassen kunnen worden en er is een natte ruimte waar het schoonmaken van een toilet en douche kan worden geoefend.

Voor de ondersteuning van de lessen zijn nagenoeg alle lokalen uitgerust met een touchscreen. “Wij willen een voorbeeldschool zijn voor het praktijkonderwijs. Door die lokalen uit te rusten met touchscreens willen we de manier waarop het onderwijs wordt ingevuld een impuls geven, onze docenten uitdagen om hun vak naar een hoger plan te trekken. Dat lijkt te werken, want de collega's zijn enorm enthousiast over de mogelijkheden. Ik ben ervan overtuigd dat de toegevoegde waarde daarvan straks terug te zien is in de resultaten van de leerlingen.”

Spaarpot

De totstandkoming van het nieuwe gebouw heeft uitzonderlijk lang geduurd. Lucas Onderwijs gaf al twintig jaar geleden het groene licht dat er kon worden uitgekeken naar een nieuwe locatie. Pas vijf jaar geleden werd de huidige locatie toegewezen en kon het proces in gang worden gezet. Hoewel het heel vervelend is dat het allemaal zo lang heeft geduurd leverde die vertraging ook voordelen op. Kees Boks: “Vijftien jaar geleden heeft het bestuur besloten dat er geen geld meer werd uitgegeven aan groot onderhoud van de oude locatie. En de laatste vijf jaren zijn we ook met de investeringen ín het schoolgebouw heel terughoudend geweest. Dus al die tijd hebben we flink kunnen sparen, met als resultaat dat we een aantal dingen extra hebben kunnen doen in het nieuwe gebouw. We hebben bijvoorbeeld ook een professionele fitnessruimte en een schitterende gymzaal voorzien van de nieuwste technologie, met een klimwand en tokkelbaan. Wat dat betreft is die vertraging wel een voordeel geweest, want een school met een normale bedrijfsvoering kan dit nooit voor elkaar krijgen, zeker niet in de huidige tijd.”

Touchscreen of bord met beamer?

Schoolbestuurders vragen zich tegenwoordig regelmatig af of ze bij de aanschaf van een digitaal schoolbord moeten kiezen voor een touchscreen of voor een bord met een beamer. Een touchscreen is in aanschaf duurder, maar een bord met een beamer zijn in het gebruik duurder. De verschillen op een rij:

Touchscreen (65 inch):
  • Twee tot drie keer zo duur in aanschaf (€ 6.400)
  • Onderhoudsvrij
  • Constante beeldkwaliteit
  • Levensduur minimaal 50.000 uren
  • Helder beeld, Full HD-resolutie

Bord met beamer:
  • Goedkoop in aanschaf (€ 2.200 - € 2.600)
  • Regelmatig onderhoud nodig i.v.m. stofophoping
  • Levensduur lamp circa 2 jaar, 1.500 - 2.500 uren (€ 400), beeld wordt tegen eind levensduur minder helder
  • Levensduur beamer circa 5-6 jaar
  • Beeld moeilijk zichtbaar bij zonlicht
  • Schaduwvorming bij sommige typen beamers

Volgens deskundigen van Display-On, leverancier van zowel touchscreens als borden met beamers, is het formaat van een touchscreen van 65 inch voldoende voor een klaslokaal. Het beeld is veel scherper en de resolutie veel hoger dan van een beamer. Hoewel een touchscreen 2 a 3 keer zo duur is als een bord met een beamer. Inclusief onderhoud en lampen is een touchscreen na 6 a 7 jaar qua afschrijving even duur als een bord met beamer. Over een periode van tien jaar is een touchscreen goedkoper.

Touchscreens

Aanvankelijk was het de bedoeling dat de Hofstede Praktijkschool zou worden uitgerust met conventionele interactieve borden met een beamer. Maar nadat hij een demonstratie van een touchscreen had bijgewoond besloot Wilbert van Rongen wat dieper in de buidel te tasten en touchscreens aan te schaffen. “De kwaliteit van een touchscreen is zoveel beter dan die van een beamer. Het beeld is veel helderder en scherper. Dus toen heb ik de zaken nog eens goed op een rijtje gezet en omdat het qua budget mogelijk was hebben we uiteindelijk besloten om ook in dat opzicht de vooruitstrevende school te zijn.”

Bij de keuze van Display-On als leverancier is de school niet over één nacht ijs gegaan. Kees Boks: “We waren het eens over het product dat we wilden hebben, maar als je voor meer dan een ton gaat uitgeven wil je wel een leverancier die zekerheid biedt. We hebben vier bedrijven benaderd en via een interne selectieprocedure zijn we uitgekomen bij Display-On. Bij hen hadden we meteen een goed gevoel, en dat hebben ze bij de levering helemaal waargemaakt.”

De 17 touchscreens zijn aan de wand gemonteerd en springen flink in het oog. Toch is de school niet bang dat ze gestolen zullen worden. “Bang voor diefstal hoef je niet te zijn, want een touchscreen weegt 95 kilo. Om dat te tillen heb je twee sterke mannen nodig. Bovendien is de school voorzien van een beveiligingssysteem. Ik denk dat je handzame dingen, zoals beamers, wel kwijt raakt, maar voor zo'n touchscreen moeten dieven veel teveel moeite doen.”

Samenwerking stimuleren

De leerlingen en docenten zijn enthousiast over de touchscreens. De functionaliteit is vergelijkbaar met die van een conventioneel digitaal schoolbord. Wilbert van Rongen merkt dat vooral de jongere docenten de mogelijkheden aan het ontdekken zijn. Om de samenwerking tussen de docenten onderling en met de leerlingen te stimuleren is hij nu bezig om Google Apps in te voeren. Daarmee kan veel efficiënter gewerkt worden. “Met Google Apps kun je veel gemakkelijker vanuit huis nog even een rapport maken, een verslag schrijven of zelfs via videoconferencing iemand die thuis is betrekken bij een overleg. Net zoals het gebouw is dat misschien wel een luxe, maar het schept ook verwachtingen.”

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

laatste uitgave