Voorkom fraude: beveilig digitale toetswerkplekken

E-mailadres Afdrukken

Digitale toetsen worden vaak afgenomen op apparaten en locaties die normaal ergens anders voor worden gebruikt, zoals een studiewerkplek of een praktijklokaal. Het is belangrijk dat de digitale werkplekken snel kunnen worden aangepast om te voldoen aan de wisselende gebruiksdoeleinden. Hoe zorg je daarvoor?

Door: Mark-Peter Mansveld

Bij toetsing moet altijd rekening worden gehouden met het risico van fraude. Met de komst van allerlei technische hulpmiddelen en het internet is het repertoire aan fraudemogelijkheden sterk toegenomen. Denk bijvoorbeeld aan een rekenmachinefunctie, Wikipedia en Google, Skype en Whatsapp.

Deze risico’s zijn er in de hele toetscyclus, maar op het daadwerkelijke toetsmoment is zowel de kans op incidenten als de impact ervan het hoogst. Hoewel maatregelen voor eerlijke en veilige toetsing gelden voor analoge en digitale toetsen, zullen er in een digitale toetsomgeving extra strenge beveiligingsmaatregelen genomen moeten worden. Voorbeelden hiervan zijn een afzonderlijke netwerkomgeving voor de digitale toetswerkplekken, verplichte multi-factor authenticatie bij het inloggen op de digitale toetswerkplek en afscherming van bluetooth, infrarood, vaste en draadloze internettoegang, applicaties, datalocaties, USB-poorten en harde schijven tijdens de toets.

Dynamische eisen

Beveiligingseisen en inrichtingswensen kunnen per toets verschillen. Voor alle toetsen is toegang tot het toetsplatform de minimale eis, maar daarnaast zijn mogelijk  andere vormen van toegang gewenst, zoals toegang tot specifieke websites of gebruik van applicaties.

Zo zal de grammatica- en spellingscontrole van Microsoft Word normaliter geen frauderisico vormen, maar tijdens een taaltoets natuurlijk wel. En hoewel toegang tot USB-opslagapparaten meestal niet is toegestaan tijdens een toets, is een USB-aansluiting voor een muis of koptelefoon vaak wel nodig. Met een dynamische oplossing voor inrichting van digitale toetswerkplekken kan worden voldaan aan wisselende inrichtingswensen en beveiligingseisen.

Toegang tot internet

Simpel gezegd dienen digitale werkplekken in een toetsperiode geconfigureerd en beveiligd te worden voor afname van toetsen. Op het moment dat een toetsperiode voorbij is, moeten deze werkplekken weer hun gebruikelijke doel dienen, zoals een studiewerkplek. Een voorbeeld daarvan is de toegang tot het internet, wat meestal ongewenst is tijdens een toets maar vereist bij dagelijks gebruik als studiewerkplek. Het niet of laat instellen van deze en andere functionaliteiten kan de productiviteit van zowel de student als de onderwijsinstelling in de weg zitten - om nog maar te zwijgen over de frauderisico’s tijdens een toetsperiode.

De flexibele inzet van digitale werkplekken is voor de meest onderwijsinstellingen een uitdaging. Het kost tijd om de digitale werkplek te configureren en te voorzien van de juiste applicaties, laat staan als ze ook gebruikt worden voor digitale toetsen. Het omzetten van een digitale werkplek naar een digitale toetswerkplek gebeurt doorgaans door de werkplek opnieuw in te richten met de benodigde configuratie. Na de toetsperiode begint dit proces opnieuw, dit keer om de studiewerkplek weer te herstellen.

Daarnaast is onderhoud van toetswerkplekken een lastig en langzaam karwei. Het niet eenvoudig om snel nieuwe configuraties of beveiligingsmaatregelen door te voeren. Het noodzakelijk om al ver van tevoren te weten wanneer toetsen afgenomen worden. Daarbij zijn de digitale werkplekken in tijden van configuratie niet beschikbaar, wat ten koste gaat van de beschikbaarheid van faciliteiten en de productiviteit van studenten.

Zelfservice

Een oplossing is de automatisering en beveiliging van de digitale (toets)werkplek op basis van tijd, locatie, apparaat en identiteit en de aanvraag van een toetsomgeving te automatiseren via selfservice. Bijvoorbeeld: Een docent wil een digitale toets afnemen en kiest een datum en lokaal via een selfservice-aanvraag. Wanneer deze aanvraag is goedgekeurd - bijvoorbeeld door een medewerker van het secretariaat of door integratie met een reserveringssysteem - zullen de digitale werkplekken op de betreffende locatie tijdens de toetsperiode automatisch geconfigureerd worden als toetswerkplek.

Onderwijsinstellingen kunnen dit faciliteren door een filter aan te brengen tussen de student en de digitale werkplek. Dit filter bepaalt op basis van de context van de student - identiteit, locatie, apparaat en tijd – hoe de werkplek geconfigureerd wordt op basis van de eerder ingestelde (beveiligings)eisen. Zo kunnen om fraude te voorkomen bepaalde toepassingen worden uitgeschakeld, zoals het internet en USB-opslagapparaten. De student kan alleen de toetsapplicatie starten en eventueel de geautoriseerde hulpapplicaties die bij de betreffende toets toegestaan zijn.

Wanneer de periode van toetsen voorbij is, kan de werkplek ook weer automatisch teruggezet worden naar de oorspronkelijke staat. Zo worden risico’s beperkt, tijd bespaard en de productiviteit van studenten en de beschikbaarheid van de faciliteiten verbeterd.

Individueel toetsen

Deze flexibele aanpak van digitale werkplekconfiguratie brengt de mogelijkheid tot afname van individuele toetsen op onregelmatige tijdstippen. Een student met een individueel leerpad zou door middel van selfservice een aanvraag kunnen indienen voor een bepaalde toets op een bepaald moment. Deze student wordt dan een digitale toetswerkplek aangeboden die vooraf en automatisch geconfigureerd is met de specifieke digitale toets en de benodigde instellings- en beveiligingseisen. 



Dit artikel werd u aangeboden door Ivanti. 

 

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Juni uitgave

Partners