Thomas Rau: "Nieuwbouw Christiaan Huygens College maatstaf voor de school van morgen"

E-mailadres Afdrukken

Een duurzame vmbo-school, een architectonisch hoogstandje en een innovatief energieconcept. Die kwalificaties zijn allemaal van toepassing op de nieuwbouw van het Christiaan Huygens College aan de Botenlaan in Eindhoven. Onlangs kende SenterNovem een subsidie van € 800.000 euro toe aan het project, waardoor het ook werkelijk kan worden gerealiseerd. Architect Thomas Rau (foto): “We moeten wel beseffen dat wat hier gerealiseerd wordt twee tot drie generaties vooruit loopt op landelijk beleid voor duurzaamheid.”

Het nieuwe pand van het Christiaan Huygens College is het centrale element in een samenwerking tussen de school, de gemeente Eindhoven en woningbouwcorporatie Trudo. Een slim ontworpen gebouw en een innovatief energiedak in combinatie met een systeem voor warmte-koude-opslag levert voldoende energie om het schoolgebouw zelf te verwarmen plus de naastgelegen sporthal en een aantal woningen. Dit levert jaarlijks een energiebesparing van € 130.000 op. Rau Architecten uit Amsterdam is verantwoordelijk voor het gebouwontwerp en Nelissen Ingenieursbureau uit Eindhoven zorgt voor het technische ontwerp.

Bijzonder schoolgebouw

Het bestuur van het Christiaan Huygens College is sinds 2004 bezig ideeën te ontwikkelen voor een nieuw gebouw. Een innovatief energieconcept is slechts één van de eisen. Het moet volgens directeur Martin van den Berg (foto rechts) vooral een duurzame school worden die aan alle criteria voldoet voor goed vmboonderwijs. “We willen een gebouw dat er echt anders uitziet dan een vierkante grijze school. We willen een landmark, een architectonisch hoogstandje. En we willen een integratie met sport.” De gemeente Eindhoven reageerde enthousiast en stelde geld ter beschikking om de plannen verder uit te werken.

Combinatie van technieken

Zodra duidelijk werd dat de nieuwbouw er echt zou komen heeft het schoolbestuur allerlei concepten bekeken. Zo kwam men terecht bij het energiedak van Schiebroek Dakbedekkingen uit Best. In dat dak wordt de energie die de zon levert op twee manieren gebruikt: door de warmte af te voeren met water en door elektriciteit op te wekken met fotovoltaïsche cellen. Martin van den Berg: “Een geweldig slim idee. Wij realiseerden ons onmiddellijk dat je met zo’n dak in combinatie met een installatie voor warmte-koude opslag, die al in het concept zat, een enorme terugdringing van CO2 kunt realiseren.”

Nelissen Ingenieursbureau heeft het schoolbestuur geholpen in kaart te brengen wat de mogelijkheden zijn van de combinatie van een energiedak en warmte-koude-opslag. Ingenieur Elphi Nelissen (foto links): “De zonnewarmte wordt meteen afgevoerd naar de bronnen in de bodem, zodat we die kunnen gebruiken in de winter. De elektriciteit die wordt opgewekt is voldoende voor de dagelijkse behoefte van de school.” Uit de berekeningen blijkt dat het schoolgebouw veel meer energie kan produceren dan het zelf nodig heeft.

Samenwerking

De gemeente Eindhoven was van plan om naast het nieuwe schoolgebouw aan de Botenlaan een sporthal te bouwen. Het schoolbestuur had het idee om het energieoverschot van de school te gebruiken voor verwarming van de sporthal. Martin van den Berg: “Wij kunnen warmte produceren voor de sporthal en boden de gemeente aan die warmte van ons af te nemen. Maar daarna ontstond het idee om ook het dak van de sporthal te gebruiken voor energieproductie. Dan houd je samen enorm veel warmte over en daar moet je een afnemer voor vinden. Dan kom je al gauw terecht bij een woningbouwvereniging. Die vindt het een geweldig idee. Zo is die samenwerking met Stichting Trudo ontstaan.”

Sportmeubel

Waar straks het nieuwe schoolgebouw en de sporthal verrijzen zijn nu nog sportvelden. Omwonenden, die nu nog vrij uitzicht hebben, kijken straks tegen het schoolgebouw aan. Ze hoeven niet bang te zijn dat ze tegen een grijze betonmassa aan moeten kijken, want architect Thomas Rau heeft van het schoolbestuur de opdracht gekregen om een architectonisch hoogstandje te ontwerpen. “Het gebouw is min of meer een sportmeubel in een groene omgeving. Het heeft een heel bijzondere vorm, zonder hoeken, en er is geen voorkant of achterkant. Het is in feite van alle kanten benaderbaar. Dat betekent dat het voor iedereen de voorkant is.”

Klein geveloppervlak

De ronde vormen van het gebouw zijn niet toevallig ontstaan, maar hebben alles te maken met de exploitatie van het gebouw. “Om de opwarming in de zomer en het energieverlies in de winter zo gering mogelijk te houden, moet je zorgen voor een klein geveloppervlak. Zoals bekend heeft een bal de meest optimale verhouding tussen oppervlak en volume. We hebben hier natuurlijk geen bal kunnen maken, maar op basis van een bal is wel dit ronde volume tot stand gekomen.” Thomas Rau vindt bovendien dat het rendement van een extra investering in het gebouw in de exploitatie groter is dan een extra investering in de installaties. “Iedere euro die in het gebouw wordt gestopt om een klimatologisch probleem op te lossen is een eenmalige investering. Iedere euro die in de installatie wordt gestopt zien we jaarlijks terug in de vorm van exploitatiekosten.”

Drie ringen voor flexibiliteit

Bovenop het gebouw zijn drie opvallende ringen zichtbaar. Die zijn binnen in het gebouw terug te vinden in de vorm van schachten waaromheen de infrastructuur van het gebouw is geconcentreerd, zoals de toiletgroepen, aansluitpunten, etc. Daardoor is de rest van het gebouw vrij indeelbaar. “Deze school kan in principe alle binnenwanden eruit halen, er één grote loods van maken, en alles blijft gewoon werken. Dat is heel prettig voor de flexibiliteit, zeker omdat de onderwijscultuur heel snel verandert.”

Veel daglicht

Voor de verlichting wordt vooral gebruik gemaakt van daglicht. Om dat te bereiken zijn in de kern van het gebouw grote vides gemaakt, waardoor het daglicht vanaf het dak of vanuit de gevel van allerlei kanten geprojecteerd wordt. Op die manier is ook in het midden van het gebouw, waar leerpleinen en werkplaatsen voor de leerlingen zijn, voldoende daglicht. “De kern is het lichtste deel van het gebouw. Daardoor loop je bij het binnengaan van het gebouw het daglicht tegemoet, inplaats van dat je naar een donkere tunnel gaat. Dat daglicht bespaart bovendien veel elektriciteit, omdat je daarmee voorkomt dat de verlichting de hele dag aan moet.”

Voorbeeldproject

SenterNovem heeft aan het project een subsidie van bijna € 800.000 toegekend op grond van drie criteria: innovativiteit, de bijzondere samenwerking tussen de partijen en de voorbeeldfunctie van het project. Ook Thomas Rau onderkent dat het om een baanbrekend project gaat. “We moeten wel beseffen dat wat hier gerealiseerd wordt twee tot drie generaties voor loopt op landelijk beleid op het gebied van duurzaamheid. En dat is niet eens zozeer een kwestie van geld, maar vooral een kwestie van samenwerking. De juiste partijen hebben met elkaar de visie om dingen te doen. Wat dat betreft is het ook een voorbeeldproject, dat op tal van plaatsen in Nederland en Europa navolging kan vinden.”

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Advertentie

September uitgave

Partners