Conclusie seminar: samenwerking is de beste basis voor betere onderwijshuisvesting

E-mailadres Afdrukken

Samenwerking tussen schoolbesturen, lokale en regionale overheden, andere maatschappelijke organisaties en breed overleg met alle bouwpartners is een garantie voor betere schoolgebouwen. De regelgeving is niet duidelijk en subsidies zijn niet meer dan een druppel op een gloeiende plaat. Oplossingen moeten op lokaal niveau en door de bouwsector worden gevonden. Dat is de conclusie van het druk bezochte seminar ‘een schoolvoorbeeld van goede samenwerking’, dat technisch dienstverlener Van der Linden Groep op 15 oktober 2009 organiseerde op de High Tech Campus in Eindhoven.

Door slechte isolatie, intensief gebruik, te weinig ventilatie en te laag budget voor schoonmaak is het binnenklimaat op scholen beneden de norm, een gevolg van jarenlang beknibbelen op onderhoud. Maar ook nieuwe scholen zijn van slechte kwaliteit, vanwege de relatief lage bouwbudgetten. Ter vergelijking: voor een nieuw kantoor wordt als norm € 1.900,-- per vierkante meter uitgegeven, voor een nieuwe basisschool slechts € 1.400,--.

Met een financiële injectie van 165 miljoen probeert de overheid iets te doen aan verbetering van het binnenklimaat op scholen en het terugbrengen van het energieverbruik. Dat is tegelijkertijd een stimulans voor de bouwnijverheid in verband met de economische crisis. Dat er bij het effect van die subsidie op zijn minst vraagtekens worden geplaatst bleek wel uit de intensieve interactie tijdens het seminar: het onderwerp leeft erg bij schoolbesturen, adviseurs, de lokale overheid en provincie.

Wethouder Frans Stienen van Stedelijke Ontwikkeling, Volkshuisvesting en Grondzaken in de gemeente Helmond ging in op het belang van een samenspel tussen bestuurder, school, bouwer/installateur en de overheid om te komen tot toekomstgerichte schoolgebouwen met de kwaliteit van overheidsgebouwen. Hij hield een vurig pleidooi om elke euro overheidssubsidie ten goede te laten komen van de kinderen en te werken met een open begroting. Ondanks dat Helmond slechts een half miljoen van de overheidssubsidie krijgt streeft men ernaar dat in 2012 alle gemeentelijke instellingen klimaatneutraal zijn. De sleutel tot succes ligt volgens Frans Stienen in lokaal overleg.

Gertjan van Midden, adviseur van de PO Raad, onderstreepte het pleidooi van de wethouder. De problemen met scholen worden veroorzaakt door een combinatie van ontwikkelingen: gescheiden geldstromen, verouderde normen (zowel inhoudelijk, financieel als technisch), steeds strengere eisen (brandveiligheid, Arbo, binnenmilieu, etc.), schoolgebouwen staan niet hoog op de prioriteitenlijst. Ook is er het gebrek aan kennis en de overkill aan instellingen die zich bezighouden met deeloplossingen (gebrek aan ketenregie): de gemeente zorgt voor de huisvesting (het beschikbaar stellen van middelen) en het schoolbestuur is verantwoordelijk voor het nemen van initiatieven, bouwheer en eigenaar, maar ook manager van gezonde docenten en leerlingen en bewaakt zij de kwaliteit van het onderwijs. Volgens Van Midden kan dit anders. De POraad is bezig met een onderzoek naar een ander financieringsstelsel voor schoolgebouwen. Maar om te komen tot een optimale oplossing is het onvermijdelijk dat schoolbesturen, gemeentelijke en landelijke overheid, financieel adviseurs, bouwers en installateurs samen aan tafel gaan zitten.

Architect Harald Krijger, bestuurslid STARO (Stichting Architecten Research Onderwijs), is ervan overtuigd dat een team van samenwerkende specialisten in staat is goede oplossingen te bedenken die binnen een vooraf vastgesteld budget blijven en rekening houden met de exploitatie van schoolgebouwen. Hij noemt de woningcorporaties als voorbeeld van zo’n team van samenwerkende specialisten. Die zijn zich ervan bewust dat ondeugdelijke bouw leidt tot hoge onderhoudskosten. Belangrijk daarbij zijn materiaalkeuze en de keuze voor technische installaties in het gebouw voor verwarming, koeling, ventilatie en verlichting. Krijger vraagt zich ook af of schoolgebouwen moeten worden gezien als maatwerk of confectie. Veel geld kan immers bespaard worden door gebouwen te kopiëren, waardoor de aanbesteding beperkt blijft tot het invullen van een standaardlijst met vragen.

Jolanda Joore van Mazars (Financieel Adviesbureau Scholen) ging met een kritische blik nader in op de investeringsmogelijkheden, aanvullende subsidies en de voorwaarden die daarbij gelden. De landelijke regeling voor verbetering binnenklimaat huisvesting PO 2009 is totaal € 97,3 miljoen en enkel bestemd voor het PO. De sluitingsdatum is op 31 december aanstaande, volgens Joore een te korte termijn. Een verzoek dat de VNG heeft ingediend bij het ministerie om die termijn met een aantal maanden te verlengen is niet gehonoreerd. Voor PO en VO samen is er een subsidieregeling ‘naar energieneutrale scholen en kantoren’, maar die sluit al 3 op december. Wie in het VO besluit om maatregelen te nemen die leiden tot kostenbesparingen op het gebied van energie, schoonmaak en/of inzet onderhoudsvoorziening kan te allen tijde een subsidieaanvraag indienen.

Voor een selecte groep scholen worden schijnbaar onbereikbare doelen bereikbaar door subsidies. Maar de meeste schoolbesturen moeten oplossingen vinden door te zoeken naar samenwerking. Alleen al door samen met openbare instanties kosten te dragen, worden investeringen mogelijk gemaakt. Denk hierbij aan wko-installaties of vraaggestuurde ventilatiesystemen. Exploitatiekosten worden beduidend lager en een terugverdientijd is snel te berekenen. Ook overleg met leveranciers zoals aannemers, installateurs en financiers kunnen een ander licht werpen op mogelijkheden en daarbij komende kosten.

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Advertentie

September uitgave

Partners