Luchtkwaliteit - 5 praktische tips

E-mailadres Afdrukken

Luchtkwaliteit en COVID-19, veel huisvestingsmedewerkers zitten met de handen in het haar. Ventileren met open ramen werkt goed zolang het warm is, maar met de winterse vrieskou is een andere aanpak nodig. Gelukkig kan er met minimale middelen al veel gedaan worden. Dit artikel geeft 5 praktische tips om risico’s te managen in de winter.

Om een uitbraak van het virus te voorkomen, moet de keten van verspreiding doorbroken worden. Dat kan op meerdere schakels, zoals schematisch weergegeven in de afbeelding. Ten eerste door de aanwezigheid van virusdeeltjes omlaag te brengen, ten tweede door blootstelling aan virusdeeltjes te verminderen en ten derde door te zorgen dat de weerstand sterker is dan het virus. Vervolgens leveren meting en analyse de juiste inzichten in hoe de verspreidingsketen doorbroken kan worden.

1)     Virusconcentratie – Verhoog luchtverversing of filter de lucht

Als een geïnfecteerde leerling zich in een lokaal bevindt, komen er continu virusdeeltjes in de lucht. Hoe kleiner de concentratie van deze deeltjes, hoe lager het risico. Aanvoer van verse lucht d.m.v. ventilatie houdt de concentratie laag. Dit kan door meer mechanische ventilatie of door ramen open te zetten. Indien meer luchtaanvoer niet haalbaar is, is het zuiveren van de lucht met air purifiers een alternatief.

2)     Blootstelling – Let extra op met wissels van lokalen

Indien er virusdeeltjes aanwezig zijn, moet het aantal leerlingen dat daaraan wordt blootgesteld zo laag mogelijk gehouden worden. Wanneer bij een volgende les een nieuwe klas het lokaal zonder doorluchten betreedt, hangt de lucht van de vorige klas er nog. Dit kan leiden tot kruisbesmetting tussen klassen. Geruime tijd doorluchten bij een klassenwissel is essentieel om dit te voorkomen.

3)     Weerstand – Pas op met teveel koude buitenlucht

Twee factoren zijn van belang als een leerling toch wordt blootgesteld aan het virus: Hoe snel virusdeeltjes inactief worden en de weerstand van de leerling. Beide factoren zijn optimaal onder voor mensen aangename omstandigheden, namelijk een combinatie van temperatuur rond 22 °C en luchtvochtigheid van 40 tot 60%. Door ramen open te zetten in de winter, dalen zowel temperatuur als luchtvochtigheid. Het is dus belangrijk om de juiste balans te vinden tussen enerzijds voldoende verse lucht, en anderzijds een goede temperatuur en luchtvochtigheid. Dit geldt zowel voor het comfort van de leerlingen, als voor het verlagen van besmettingsrisico’s.

4)     Meten – Meet CO2, temperatuur en luchtvochtigheid

Het risico op verspreiding zoals beschreven in de punten 1-3 kan in kaart gebracht worden door het meten met sensoren. Zo betekenen CO2 waarden van onder 800 ppm dat een lokaal voldoende verse lucht ontvangt. Door continu CO2, temperatuur en luchtvochtigheid te meten, is duidelijk in welke lokalen er weinig risico op verspreiding is, en in welke lokalen actie nodig is.

5)     Analyseren – Maak inzichtelijk welke acties nodig zijn

Door wekelijks de juiste analyses te bekijken, wordt duidelijk welke acties ondernomen moeten worden, bijvoorbeeld: Structureel te hoge CO2 waarden in aanliggende lokalen kan duiden op een klep in het ventilatiesysteem die open moet worden gezet; Te lage temperaturen in combinatie met lage CO2 concentraties betekent dat minder ramen open hoeven; Hoge CO2 waarden bij de start van een lesuur betekent dat er meer moet worden doorgelucht tijdens een klassenwissel. Daarmee kan de situatie iedere week verbeterd worden en komen we veilig de winter door!

Dit artikel wordt u aangeboden door:

AmbiTek BV

040 240 5001

Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

https://www.ambitek.eu

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Agenda

04 november: Privacy in het onderwijs

Laatste uitgave