Peter Nooitgedagt, Eduvier: "Ga bij de bouw van een sportvoorziening uit van de gebruiker"

E-mailadres Afdrukken

Scholen moeten meer het heft in eigen handen nemen als ze een sportaccommodatie gaan bouwen. Vooraf goed nadenken wie er van de gymzalen gebruik gaan maken, op welke manier er onderwijs gegeven zal worden en daarvan een vertaling maken naar de inrichting. Dan krijg je een functioneel betere gymzaal en voorkom je dat het bouwbudget wordt overschreden. Dat zegt Peter Nooitgedagt, directeur van Eduvier Onderwijsgroep uit Lelystad. “De inrichting van een gymzaal heeft consequenties voor de constructie van de zaal. Als je eerst een zaal neerzet en dan pas bepaalt welke inrichting er in komt zal de aannemer meerwerk moeten doen. Dat kost altijd extra geld.”

Bij de Eduvier Scholengroep, een onderwijsinstelling voor kinderen en jongeren van 4 – 23 jaar met ernstige gedragsproblemen, sociaal-emotionele problemen of psychiatrische problemen, heeft men een behoorlijke ervaring in het bouwen van sportvoorzieningen. In de afgelopen acht jaren zijn er drie nieuwe sportaccommodaties gebouwd. Het meest recente is het sportcomplex bij De Rede / Herman Bekius school / Aurum College in Lelystad, welke in het najaar van 2008 in gebruik is genomen. Die sporthal heeft twee gymzalen en twee therapieruimten, die geschikt zijn voor gymlessen aan kinderen met stoornissen in het autistisch spectrum. Docent bewegingsonderwijs Martin van Hinte: “We hebben drie jaar lang nagedacht hoe we het wilden hebben, met als uitgangspunt de invulling van de lessen. Wat willen we met deze kinderen doen? Waarom doen we dat? En wat hebben we daarvoor nodig? Die voorbereiding heeft zijn vruchten afgeworpen, want we zijn bijzonder tevreden over dit sportgebouw. Het werkt in de praktijk zoals we ons dat hadden voorgesteld.”

Waar voor het geld

Gymnastiekdocenten Jasper Bruggeman en Martin van Hinte in een van de gymzalen in De Rede. Op deze locatie is bewust voor de leerlingen gekkozen. Dit heeft als nadelige consequentie dat de zalen niet te verhuren zijn aan voetbal- en basketbalverenigingen.

Peter Nooitgedagt heeft zich intensief met de realisatie van de sporthal beziggehouden. Niet alleen als verantwoordelijk directeur, maar ook vanwege zijn ervaring met het bouwen van gymzalen die hij als ondernemer heeft opgedaan, als adviseur en leverancier van inrichtingen van gymzalen, speellokalen en speelpleinen. Hij zegt dat de meeste scholen te weinig waar voor hun geld krijgen als ze een gymzaal bouwen. Ten eerste omdat scholen te weinig zeggenschap hebben over het ontwerp van de gymnastiekzalen. “Meestal bepaalt degene die de sporthal betaalt hoe het er uit komt te zien. Dan krijg je een standaard gymzaal. Die zien er op het eerste gezicht wel goed uit, maar als je er een paar weken in gewerkt hebt voelt het toch niet lekker.” Gebrek aan deskundigheid op scholen is een andere reden waarom gymzalen vaak niet aan de verwachtingen voldoen. “De meeste gymnastiekdocenten – want die worden daarmee belast – bouwen maar één keer in hun leven een gymzaal. De intentie om een goede accommodatie neer te zetten is aanwezig maar de know how schiet te kort. Ze gaan 25 gymzalen bekijken en doen daar allerlei ideeën op. Maar dan komt het kostenplaatje en moet je gaan strepen, want het lukt niet binnen het budget. En dan valt het eindresultaat tegen.”

Inrichting als uitgangspunt

Een manier om geld uit te sparen bij de bouw van gymzalen en vaklokalen is om te beginnen met de inrichting, liefst nog voordat de architect erbij betrokken wordt. Dan kan er worden gebrainstormd en kan de manier waarop men les wil geven optimaal worden vertaald naar de inrichting, met alle consequenties voor de aansluitingen, constructies en dergelijke. Door dat eerst vast te leggen en pas dan een architect in te schakelen wordt automatisch rekening gehouden met de inrichtingswensen. In de dagelijkse praktijk gebeurt het echter vaak andersom: eerst wordt een gymzaal neergezet en pas daarna wordt er nagedacht over de een inrichting. Dan blijkt achteraf dat er door een aannemer meerwerk moet worden gedaan. Dat kost altijd meer dan als hij het meteen had geweten.

Maatwerk voor de leerlingen

Midden door het gebouw loopt een gang met aan weerszijden kleedkamers, die toegang geven tot de gymzalen en therapieruimte. De therapieruimte is met een scheidingswand in tweeën gedeeld zodat aan de ene kant aan fitness en conditietraining gedaan kan worden en aan de andere kant de vechtsporten.

De kinderen die les krijgen op één van de scholen van de Eduvier Onderwijsgroep hebben allemaal in meer of mindere mate specifieke zorg nodig. Het is van belang dat er een veilige, open en toch prikkelarme leeromgeving wordt gecreëerd. Daarover wordt door directie en personeel goed nagedacht. Martin van Hinte: “Bij onze sporthal in Almere, waar ZMOK-onderwijs wordt gegeven, hebben we een flexibele scheidingswand. Hier in Lelystad hebben we bewust gekozen voor twee aparte gymzalen, want hier hebben we kinderen met een stoornis in het autistisch spectrum. Zij zijn gevoelig voor licht, geluid, temperatuur en allerlei andere prikkels. We hebben dus niet gekozen voor een flexibele wand, want dan heb je onherroepelijk geluidsoverlast.” Die bewuste keuze voor een vaste wand heeft wel consequenties voor de flexibiliteit van de gymzalen, maar dat wordt op de koop toe genomen. “Je kunt hier niet, zoals in Almere, met een grote groep gaan voetballen. En het heeft ook gevolgen voor de verhuur. Want deze zalen zijn niet geschikt voor een voetbalvereniging of een basketbalvereniging.” Ten aanzien van de geluidsreductie is er gekozen voor een plafond die veel geluid absorptie realiseert en is er in de muren gekozen voor geïntegreerde soundblocks.

Logistiek

Ook de logistiek van het complex is ontworpen door de school en toegesneden op de gebruikers. Midden door het gebouw loopt een gang met aan weerszijden kleedkamers, die rechtstreeks toegang geven tot de gymzalen en therapieruimten. Opvallend is dat de kleedkamers van de jongens veel groter zijn dan die van de meisjes. Dat heeft ermee te maken dat autisme veel vaker voorkomt bij jongens dan bij meisjes. Dat alle gymzalen en therapieruimten vanuit een centraal gelegen algemene ruimte gecontroleerd kunnen worden is ook niet toevallig. Peter Nooitgedagt: “Ook daar zit een filosofie achter. Nu weten de kinderen dat ze in de gaten gehouden kunnen worden. Dat is belangrijk voor hen, dat ze weten dat er iemand zit.”

Kennis en ervaring

In Lelystad is bewust gekozen voor twee aparte gymzalen, want hier zitten kinderen met een stoornis in het autistiche spectrum. Zij zijn gevoelig voor licht, geluid, temperatuur en allerlei andere prikkels. Er is daarom gekozen voor een vaste wand, een plafond dat veel geluid absorptie realiseert en zitten er geïntegreerde soundblocks in de muren.

Het ontwerpen en bouwen van een goede gymzaal vereist een grote mate van deskundigheid. Er zijn honderden specifieke voorzieningen, die gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit en het gebruiksgemak van een gymzaal. De klimaatinstallaties moeten zorgen voor een juiste temperatuur en luchtkwaliteit voor sportieve activiteiten. Bij het plaatsen van de ramen moet worden gezorgd dat er geen storend zonlicht naar binnen kan komen. De verlichting aan het plafond moet zo worden opgehangen dat deze niet storend is voor de gymnasten. De muren en plafonds moeten worden voorzien van elementen die geluidsoverlast tegengaan. De belijning in de zaal moet worden afgestemd op de bevestigingspunten voor de palen waaraan netten moeten worden opgehangen. Ook de materiaalruimte verdient speciale aandacht. Peter Nooitgedagt: “De materiaalruimte kun je het beste aan de lange zijde van de zaal plaatsen. Dan heb je bij spellen minder last dat er ballen in vliegen. En eigenlijk moeten ze afsluitbaar zijn. Wij hebben niet voor een net of een metalen scherm gekozen – dat nodigt uit om er ballen tegenaan te trappen omdat het lekker veel lawaai geeft - maar voor een overhead deur.

Exploitatie

Naast de manier van lesgeven heeft men bij Eduvier bij de voorbereidingen voor het sportcomplex ook de exploitatie in het achterhoofd gehouden. Dat is terug te zien aan de gietvloeren in de zalen, de kleedkamers en de douches. Die vloeren hebben opstaande randen. Daardoor zijn ze gemakkelijk schoon te maken en wordt voorkomen dat er vocht in de muren trekt en smeer in de naden gaat zitten. Peter Nooitgedagt adviseert scholen die een gymzaal bouwen de vloer van de zaal, inclusief cement dekvloer, onder de inrichting te laten vallen. Dan is de leverancier van de vloer als enige verantwoordelijk voor de kwaliteit. Daarmee wordt voorkomen dat de leverancier en de aannemer bij eventuele schade in conflict komen. “Wij zijn er in geslaagd om in overleg met allerlei partijen een gymzaal neer te zetten waarover wij heel tevreden zijn. Dat is zeker ook te danken aan de gemeente Lelystad, die ons de ruimte heeft gegeven om onze wensen kenbaar te maken. Een andere reden voor het succes van deze gymzaal is dat wij in de gelukkige omstandigheid zijn dat we al een aantal gymzaalcomplexen hadden neergezet en daar lering uit hebben getrokken.”

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Advertentie

September uitgave

Partners