Eigen visie NHL leidt tot nieuw concept voor eten en drinken

E-mailadres Afdrukken

NHL Hogeschool in Leeuwarden lanceerde in september een nieuw concept voor eten en drinken. De school nam hierin zelf de regie, vanuit een eigen visie. Daarin staat een mooie dag voor de studenten centraal en zijn woorden als catering en kantine niet meer van toepassing. Het concept moest aansluiten bij de belevingswereld van studenten, waarin zij zich fijn voelen. Dat is uniek in het onderwijs waar cateraars voor een groot gedeelte de horecaconcepten bedenken en uitvoeren.


Wie de hoofdvestiging van de NHL in Leeuwarden binnenloopt, waant zich niet in een school. Bij binnenkomst loopt de bezoeker tegen een moderne espressobar aan en sinds september 2016 is de kantine veranderd in een modern food court, waar gekookt wordt en de hele dag door beschikbaar is. “We hebben in de eerste plaats een ontmoetingsplaats gecreëerd met goed eten en drinken. De studenten moeten kunnen relaxen, maar er moet ook ruimte zijn om te kunnen studeren en goed samen te werken. Daarnaast was het ook belangrijk dat er ruimte is voor grotere evenementen.” Zo verwoordt Mathijs Rutten, hoofd Facilitaire Services van de NHL de uitgangspunten van het nieuwe concept voor eten en drinken dat in september 2016 is ingevoerd. “Ons motto is ‘Een mooie dag @NHL’. Wij willen ervoor zorgen dat onze studenten een mooie dag hebben. Toen zijn we gaan denken wat daar aan bij zou kunnen dragen. Al snel kwamen we erop uit dat alles gastvrijheid moet uitstralen, dus ook de medewerkers. En alles moet vers en gezond zijn met een aanbod voor elke portemonnee.” Een stimulans hadden de facilitaire voorzieningen van de NHL Leeuwarden namelijk wel nodig, licht Rutten toe. “We hadden vorig jaar een dip in de studenttevredenheid en dat ging met name over de restauratieve voorzieningen. Bovendien kwam er een nieuw bestuurder binnen en die vond het hier maar een dooie boel.”

Zelf doen
Deze dip was het uitgelezen moment om met de cateringpartner aan tafel te gaan, vertelt Jeane Vermaas, teamleider Facilitaire Services bij de NHL. “Het woord catering past niet bij wat wij willen. We willen een bruisende en inspirerende omgeving creëren voor de studenten. We wilden ze carte blanche geven om invulling te geven aan onze wensen.” Daar kwam te weinig uit vertelt Rutten. “Ik was erg teleurgesteld na de aanbesteding van de catering een paar jaar terug. De cateraar kwam met zijn eigen concept en wilde dat bij ons neerzetten, terwijl het niet aansluit bij onze visie. Eye-opener voor mij was toen ik binnenliep op een andere school met dezelfde cateraar. Het was net of ik in onze eigen school rondliep. Het kan toch niet zo zijn dat de cateraar de sfeer in een school bepaalt? Toen kwam het besef; we moeten het zelf doen, maar wel met de juiste mensen en partners.”

Toen bleek dat de cateraar geen invulling kon geven aan de wensen van de NHL, ging de school op zoek naar een andere optie. Vermaas: “Zo zij zijn we in gesprek gekomen met Dino Lobbes van Brandlifters. Hij is iemand die snapt waar wij als school voor staan en die zelf ook een visie heeft op eten en drinken, maar ook in concepten kan denken en ondernemerschap in zijn bloed heeft. In het begin vonden we Dino een beetje vaag, maar gaandeweg ontstond er kruisbestuiving. Je snapt elkaar en dan ontstaat er een duidelijk gezamenlijk beeld. Dino was de motorolie, hij heeft meegedacht en draaide mee en aan de knoppen.” Lobbes heeft de school dus bijgestaan in de verandering van het eten-en-drinken-concept. Een eerste idee was het maken van een espressobar bij de ingang van de school. Deze werd als try out gerealiseerd voordat het hele concept verder werd uitgerold. Vermaas: “De espressobar was meteen een groot succes. We kregen van studenten terug dat ze het echt een enorme verbetering vonden en dat ze zich serieus genomen voelden als doelgroep. Toen dachten we dat we dit concept door zouden moeten trekken.” Lobbes vult aan: “De Espressobar heeft zichzelf bewezen. Het is de eerste handdruk van een gastvrij ontvangst en geeft meteen een warm gevoel.”

Dooie boel
Door het succes van de espressobar kreeg ook het college van bestuur van NHL gevoel bij het nieuwe concept voor eten en drinken, vertelt Rutten. “Ik was al getriggerd toen onze bestuurder zei dat hij het hier een dooie boel vond. Hij vroeg aan mij: Wat vind jij? Ik vond dat het anders moest en niet zo’n klein beetje ook. Dat is uiteindelijk gelukt vooral dankzij een goed plan, goede dosis lef en een goede samenwerking tussen ons, Dino en HorEquip uit Steenwijk. Maar ook aan het College van Bestuur dat ons de vrijheid heeft gegeven om dit te doen. Ik heb bij het college geen programma van eisen neergelegd, maar een visie. Dat hebben ze onderschreven en gedragen.” Het idee voor het nieuwe concept voor eten en drinken moest aansluiten bij het ‘mooie-dag-motto’ van de facilitaire afdeling van de NHL. Dat stimuleerde Lobbes om vanuit de student te denken. “Ik ben heel erg geïnspireerd door topbedrijven in Amerika, zoals Google en Facebook en hoe zij de toptalenten aan zich binden. Geld bleek namelijk niet de belangrijkste motivatie voor deze doelgroep. Ze wilden vooral ook een fijne plek om te werken met goed eten en mooie zitgedeeltes. Dat heb ik op tafel gelegd, want zo werkt het voor de student ook.” En de transformatie van een ouderwets roestvrijstaal lijnbuffet naar een modern food court heeft gewerkt, vertelt Rutten enthousiast. “Je kon hier ’s middags na twee uur een kanon afschieten. Nu zie je dat er de hele dag drukte is en dat de ruimte echt gebruikt wordt waar die voor bedoeld is: ontmoeting en verbinding.” Vermaas beaamt dit. “We zijn van half acht tot tien uur ’s avonds open en het is heel levendig. Vroeger wilden de studenten hier zo kort mogelijk zijn, maar dat is nu veranderd.”

Niet hufterproof
Wat ook veranderd is, is de inrichting van de school. Er is veel aandacht voor uiterlijk en design. Dat was voorheen wel anders, herinnert Rutten zich. “Alles was hier hufterproof en bij wijze van spreken aan de grond vastgemaakt. Dat was voor ons wel even een ommezwaai. We hebben wel even gedacht: ‘O jee, straks maken ze alles kapot.’ Maar alle clichés zijn niet waar gebleken. De studenten gaan heel anders om met de omgeving als ze het idee hebben dat het ook van hen is. Door het eigenaarschap terug te leggen bij de student wordt een beheersbare situatie gecreëerd.” Lobbes bevestigt dit en vult aan. “De studenten kunnen veel meer zichzelf zijn. En dat betekent ook dat ze elkaar corrigeren als het toch misgaat. Maar je zult wel je medewerkers moeten instrueren om los te laten. Want als ze er meteen bovenop zitten, is er geen ruimte voor dat zelfcorrigerend vermogen van de studenten.”

Door het nieuwe concept is er ook veel veranderd voor de betrokken facility managers. Vermaas: “Doordat we zelf meer de touwtjes in handen hebben, heb ik er veel meer feeling mee. We stellen andere vragen dan we normaal zouden doen en doen geen consessies aan het concept.” Dat kan wel eens leiden tot meer conflict met de partij die het concept moet uitvoeren, vertelt Lobbes. “Je zoekt een operationele partner die dit concept mee uit wil voeren. Iedereen moet het verlengde zijn van dit concept en niemand is groter dan NHL. En we zoeken dus partijen die dat kunnen borgen en zich ondergeschikt kunnen maken aan de visie van de school. Daar ligt nog altijd een uitdaging.” Omdat elke school haar eigen visie heeft, is dit concept dan ook niet één-op-één te kopiëren door andere scholen, besluit Vermaas. “Elke opleiding heeft zijn eigen identiteit. Maar we kunnen scholen wel inspireren met onze aanpak om het vervolgens weer op hun eigen manier passend te maken.”

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Advertentie

September uitgave

Partners