Cloud computing in het onderwijs: geen toekomstmuziek

E-mailadres Afdrukken

Cloud computing wordt steeds meer gebruikelijk, ook in het onderwijs. Een onderwijsinstelling die gebruik maakt van cloud computing, hoeft minder tijd en geld te besteden aan de techniek. Daarmee komt er ruimte beschikbaar voor de toegevoegde waarde (uitnutting) van ICT in het onderwijsproces. En dat is geen toekomstmuziek!

Hele Nederlandse onderwijsveld

Er zijn al clouddiensten waar scholen gebruik van kunnen maken, bijvoorbeeld op het gebied van samenwerken. Specifieke diensten voor het onderwijs, zoals studentenadministratie en financiële administratie, zijn nog nauwelijks beschikbaar uit de cloud, maar daar kunnen instellingen wellicht iets aan doen door samen naar een oplossing te zoeken, bijvoorbeeld een gezamenlijke ‘onderwijscloud’. SURF en Kennisnet helpen scholen en instellingen bij het benutten van de mogelijkheden van cloud computing. In het kader van het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma is de publicatie ‘Cloud computing in het onderwijs’ uitgegeven. SURF en Kennisnet zorgen niet alleen voor bewustwording bij onderwijsinstellingen over de ontwikkelingen, mogelijkheden en toepassingen van cloud computing; ook fungeren ze als gesprekspartner richting leveranciers; ze vertegenwoordigen namelijk het hele Nederlandse onderwijsveld, van basisonderwijs tot en met hoger onderwijs.

Onmisbaar communicatiemiddel

Andres Steijaert, programmamanager bij SURFnet, overlegt met organisaties als Microsoft, Google, Adobe en IBM. Hij geeft aan dat het internetgebruik in het hoger onderwijs al jaren heel hoog is. “Het gaat om mensen die hoog opgeleid zijn of worden en die computervaardig zijn. Ze nemen hun laptops, mobieltjes en iPads mee naar hun instelling en verwachten dat ze daar gebruik van kunnen maken. Ook rekenen ze op een goed netwerk en een goed platform om op samen te werken. Die samenwerking vindt plaats binnen instellingen, maar ook tussen instellingen. En niet alleen met Nederlandse, maar ook met bijv. buitenlandse universiteiten. Het internet is een onmisbaar communicatiemiddel geworden en cloud computing neemt een steeds belangrijkere plek in.”

Veiligheid

Voor SURF is het belangrijk dat universiteiten en hogescholen de kracht van cloud computing gebruiken, maar dat ze dat wel op een solide basis doen. Andres Steijaert: “Als je gebruikmaakt van clouddiensten, komen je gegevens, je inhoud, buiten de muren van je eigen instelling terecht. Cloudleveranciers moeten daar net zo secuur mee omgaan als je dat zelf zou doen. Daarover moet je goede afspraken maken. Ook moet duidelijk zijn met wie je die afspraken maakt. Als je bijvoorbeeld een online dienst voor documentopslag inkoopt, kan het voorkomen dat de aanbieder de fysieke diskruimte waar de data worden opgeslagen, niet zelf in huis heeft, maar elders betrekt. Wat gebeurt er als die derde partij failliet gaat, of zich niet aan de afspraken houdt? Een instelling moet een exitstrategie hebben voor als er onverhoopt iets mis gaat.”

Samenwerken

Over deze en andere vraagstukken buigen instellingen zich in SURF-verband. Ongeveer 160 instellingen uit hoger onderwijs en onderzoek zijn aangesloten. Wouter de Haan, programmamanager Platform ICT en Bedrijfsvoering bij SURFfoundation: “We zijn vooral een verzamelplaats; veel vernieuwingen komen bij de instellingen en de leveranciers vandaan”. Andres Steijaert: “Die instellingen kunnen kennis en ervaringen uitwisselen op het gebied van cloud computing. Ook bieden we voorzieningen om clouddiensten onderling en met lokale systemen in de instellingen te verbinden. Single sign-on is hiervan een voorbeeld. Het is handig als een gebruiker, bijvoorbeeld een student, maar één username en password nodig heeft om in te loggen bij verschillende diensten. Het voordeel voor leveranciers is dat zij die inloggegevens niet op hoeven te slaan; daar zitten ze niet op te wachten. Met SURFconext (www.surfconext.nl) bieden we een vernieuwende verbindingsinfrastructuur, die gebruikers uit verschillende instellingen en online diensten van diverse leveranciers aan elkaar koppelt. Gebruikers hoeven dan niet meer voor iedere applicatie afzonderlijk een groep in te richten en teamleden uit te nodigen. Dat doe je nu één keer in SURFconext. Vervolgens zoek je de online applicaties van je keuze erbij en log je daar veilig in met je vertrouwde instellingsaccount. Voor instellingen, leveranciers en gebruikers lost SURFconext een hoop integratievraagstukken op.”

Standaarden

De integratie tussen verschillende diensten is belangrijk. Daarom ijvert SURF voor open standaarden. Niet alleen in Nederland, maar ook met zusterorganisaties uit Europa en met de Amerikaanse organisatie Internet2. Andres Steijaert: “Ook leveranciers zijn betrokken bij deze overleggen. De ene leverancier is meer genegen dan de andere om open standaarden te ondersteunen, maar juist omdat we met SURFnet 1 miljoen gebruikers vertegenwoordigen, kunnen we laten zien hoeveel behoefte eraan is. Onlangs zijn we nog met een delegatie uit het hoger onderwijs in Amerika op bezoek geweest bij een aantal leveranciers. Die zijn soms wel verbaasd over de bereidheid om samen te werken en om expertise te delen; dat zie je niet in alle landen. Belangrijk is dat partijen vertrouwen hebben in elkaar.”

Andere rol ICT-afdelingen

Ook is belangrijk dat organisaties meegaan met de ontwikkelingen. Een paar decennia terug was de ICT-afdeling van bijvoorbeeld een universiteit vooral een rekencentrum. Wouter de Haan: “Veel instellingen voor hoger onderwijs hebben een eigen datacentrum. Dat kost elke instelling enorm veel capaciteit. Gezamenlijk is dat beter én goedkoper te regelen. Doordat er minder energie en menskracht gestoken hoeft te worden in de techniek, kan er meer geïnvesteerd worden in de rol van ICT in het primaire proces. Als instellingen dat samen zouden willen doen, betekent dat een andere rol voor ICT-afdelingen. Zij zouden zich veel meer kunnen richten op de ondersteuning van het onderwijs- en onderzoeksproces.” Andres Steijaert voegt daaraan toe: “ICTafdelingen zijn altijd in staat geweest om tijdig te anticiperen op veranderingen; hun rol is niet meer te vergelijken met die van een paar decennia geleden.”

Vergezichten schetsen

Wouter de Haan geeft aan dat het cloudaanbod groot is. “We brengen in kaart welke diensten er zijn waar het onderwijs gebruik van kan maken. Daarbij gaat het niet alleen om publieke diensten, maar ook om diensten die we als hoger onderwijs gemeenschappelijk in een community cloud kunnen organiseren. Daar kunnen instellingen dan gezamenlijk gebruik van maken. Het is een grote stap voorwaarts dat we dit samen doen, in SURF-verband. Het is de taak van SURF om de vernieuwing aan te jagen, om kennis aan te reiken en experimenten mogelijk te maken. En om vergezichten te schetsen; je moet laten zien wat er mogelijk is met cloud computing.” Andres Steijaert vult aan: “De techniek loopt ver vooruit op weten regelgeving. Dat is een aandachtspunt voor onderwijsinstellingen, maar ook voor andere organisaties én voor particulieren! Vroeger was ICT schaars, nu is het er in overvloed. Dat brengt nieuwe dilemma’s met zich mee, maar ook nieuwe voordelen.”

Meer informatie over de cloudactiviteiten van SURF en Kennisnet: http://www.surfnetkennisnetproject.nl/innovatie/cloudcomputing

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Advertentie

September uitgave

Partners