Roel van Leerdam, voorzitter CvB Unicoz Onderwijsgroep: “Je moet elkaar iets gunnen en betrokken houden”

E-mailadres Afdrukken

De schoolbesturen in Zoetermeer werken in goede harmonie met de gemeente samen aan de schoolgebouwen. Er is strategisch overleg, onderhoud en renovatie zijn goed geregeld en voor toekomstige investeringen is een vervangingsfonds ingesteld. Roel van Leerdam, voorzitter CvB van Unicoz Onderwijsgroep: “Maar het belangrijkst is wederzijds vertrouwen.”


Roel van LeerdamDe samenwerking tussen de school en de gemeente heeft historische wortels. Zoetermeer was begin jaren zestig nog een dorp en maakte daarna een enorme groei door, waarbij veel schoolgebouwen zijn gebouwd. Er moest gehandeld worden en iedereen zocht elkaar op, zegt Cees Hamoen, portefeuillemanager onderwijshuisvesting bij de gemeente Zoetermeer. “Dat is het begin geweest van hoe wij als gemeente met de schoolbesturen samen die kar trokken.”

Lokaal maatwerk ingevoerd
In 1997 is de onderwijshuisvesting gedecentraliseerd naar de gemeenten, vanuit het idee dat de lokale overheid beter in staat is om samen met de schoolbesturen maatwerk te leveren. In Zoetermeer is dat ook echt gebeurd. Zowel gemeenten als scholen zijn actief betrokken bij alle aspecten en processen rond de onderwijshuisvesting, ieder vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid en gebruikmakend van ieders competenties. Voor toekomstige investeringen is een vervangingsfonds ingesteld. Cees Hamoen: “De gemeente is sinds 1999 gaan sparen zodat we bij noodzakelijke investeringen geen beroep hoeven te doen op de algemene middelen. Bij de decentralisatie van het buitenonderhoud in 2015 zijn de lokale afspraken over samenwerking nogmaals door het college van Burgemeester en Wethouders en de gemeenteraad bekrachtigd.”

Aanpassingen nodig
In 2008 stagneerde de groei in oudere wijken en was daar sprake van teruggang van het aantal leerlingen. Om een goed antwoord te geven op die ontwikkelingen was het nodig om langetermijnbeleid te maken en te plannen. Roel van Leerdam: “Je kunt elk schoolgebouw van 50 jaar oud wel vervangen, maar dat moet je niet willen. Daarom hebben wij de gemeente ervan overtuigd dat we de onderwijshuisvesting samen structureel moeten oppakken, voor de hele stad en over de schoolbesturen heen.”
Uit dat overleg is het eerste Integraal Huisvestings Plan (IHP) ontstaan. Daarin is een oplossing geformuleerd voor de krimp van de scholen in oudere wijken en de groei van de laatste nieuwbouwwijk in Zoetermeer. De gemeenteraad heeft toen ook besloten dat een IHP voortaan tevens het fundament is voor de 5-jaarlijkse herijking van het gemeentelijk vervangingsfonds.

Het eerste IHP is vastgesteld in 2016 en loopt tot 2020. Recente prognoses geven aan dat het nodig is om al in 2018 te gaan praten over de volgende periode van vijf jaar. Cees Hamoen: “Het gaat niet alleen om demografische ontwikkelingen. Door onze snelle groei hebben we ook scholen op plekken gebouwd waar het nu wringt. Dat willen we goed oplossen.” Wat Roel van Leerdam betreft moet er goed vooruit worden gekeken. “Natuurlijk is het lastig om pakweg 20 jaar vooruit te kijken. Maar het is noodzakelijk dat wij onze locaties veel strategischer gaan kiezen op basis van prognoses per wijk.”

Vervangingsfonds cq. renovatiefonds
Het vervangingsfonds is een instrument om de kapitaallasten van investeringen in schoolgebouwen te dekken en over meerdere jaren uit te smeren. Dat gaat om de vervanging van schoolgebouwen aan het eind van hun levensduur, maar betreft ook tussentijdse renovaties. Uitgangspunt daarbij is dat een school in principe 50 jaar mee kan. Na 25 jaar vindt een renovatie plaats. Die heeft als doel de functionaliteit te verbeteren en het gebouw te verduurzamen, zodat het weer 25 jaar mee kan. Na 50 jaar wordt het gebouw vervangen of vindt vernieuwbouw plaats. Cees Hamoen: “Op deze manier heeft de gemeente Zoetermeer de renovatie structureel geregeld. De gemeente stelt middelen beschikbaar, de schoolbesturen doen daar hun onderhoudsmiddelen bij en dat voegen we samen. Zowel gemeenten als school weten waar ze aan toe zijn en kunnen hun financiële planning hierop afstemmen.”

Hogere bedragen
Zoetermeer hanteert een vierkante meterprijs van € 2.000 voor nieuwbouw, een stuk hoger dan de VNG-norm van € 1.350. Dat is nodig om aanvullende doelen te realiseren op het gebied van duurzaamheid, infrastructuur, veiligheid en binnenklimaat.

De schoolbesturen hebben het 'bouwheerschap' overgedragen aan de gemeente. Dat is al vanaf begin jaren ’60 zo tussen de gemeente en schoolbesturen afgesproken. De gemeente zorgt in nauwe samenwerking met de scholen voor het bouwmanagement, bewonersparticipatie en infrastructuur. De schoolbesturen gaan over het ontwerp van het gebouw, zodat het goed past bij het onderwijsconcept. Op deze wijze staat elk van de partijen in zijn kracht en kunnen zij hun inbreng hebben vanuit hun specifieke deskundigheid.

Veel vertrouwen
De goede verstandhouding tussen de gemeente en de schoolbesturen heeft zich in de afgelopen tien jaar ontwikkeld tot een meer zakelijke en professionele relatie. Unicoz heeft bouwkundig ingenieur Martijn Geerts in dienst genomen en een eigen kwaliteitslabel voor scholen ontwikkeld, dat door de gemeente wordt omarmd. Er is zodanig veel vertrouwen dat ook de uitvoering van het binnen- en buitenonderhoud door de school is uitbesteed aan de gemeente. Niet alleen zakelijke motieven spelen een rol bij die keuze, zegt Roel van Leerdam. “Wij hebben een gezamenlijk doel, namelijk fatsoenlijke huisvesting. Er was in 1997 al een goed systeem opgezet, de gemeente wilde die situatie graag continueren en deed ons een aantrekkelijke aanbieding. Als je al jarenlang op die manier zaken doet, moet je elkaar ook iets gunnen. Bovendien houd je op deze manier beide partijen betrokken bij de onderwijshuisvesting.”

Rond dat onderhoud wordt met veel onderling vertrouwen intensief samengewerkt. Martijn Geerts maakt met iemand van de gemeente de onderhoudsplannen. Dat leidt tot jaarplannen, die na goedkeuring van het bestuur het jaar daarna worden uitgevoerd. De gemeente heeft daarvoor mensen in dienst met verstand van zaken. “Voor het planmatig onderhoud krijgen we facturen en voor het correctieve onderhoud kwartaalafrekeningen. Vandalisme wordt rechtstreeks aan de gemeente gemeld en daarna hersteld. Wij hebben volledig zicht op alles wat er gebeurt. De scholen kunnen alle problemen melden bij één telefoonnummer en dan wordt het afgehandeld. Dus er is geen administratieve rompslomp vanwege het indienen van aanvragen.”

Dienstbaar en coöperatief
De belangrijkste succesfactoren voor de samenwerking zijn het vervangingsfonds en het vertrouwen in de andere partijen dat is opgebouwd in de loop der tijd. Cees Hamoen: “Schoolbesturen hebben vertrouwen in ons, maar dat moeten we ook voortdurend waarmaken. Niet alleen aan de voorkant bij het maken van een IHP, de financiering, etc. maar vooral aan de achterkant. Zo'n cultuur van dienstbaarheid is van cruciaal belang.”
Martijn Geerts en Cees Hamoen zijn beiden van mening dat een dergelijke coöperatie in andere gemeenten of regio's ook moet kunnen functioneren. Het is zaak om te zorgen voor voldoende schaalgrootte en lef hebben. “Je moet het gewoon gaan doen. Als je de hakken in het zand zet en zelf geen stappen wilt zetten gebeurt er zowieso niets.”

Advies aan Dekker
De commissie Nijpels, een VNG-commissie Onderwijs, Cultuur en Sport, heeft voor staatssecretaris Dekker een advies geschreven om de discussies over renovatie van schoolgebouwen in gemeenten vlot te trekken. Roel van Leerdam maakt deel uit van die commissie. Het is dan ook geen verrassing dat in het advies elementen van de Zoetermeerse werkwijze zijn opgenomen. “De coöperatieve gedachte is de basis. Die moet je willen uitvoeren in een samenwerkingsconstruct. De gemeente vanuit zorgplicht voor zijn inwoners en het onderwijs vanuit het streven naar de meest duurzame gebouwen voor de kinderen waaraan zij onderwijs geven.”

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Advertentie

September uitgave

Partners