ESCo OVVIA wil financiële blokkades verduurzaming scholen opheffen

E-mailadres Afdrukken

‘In 80 procent van de klaslokalen is het CO2-gehalte veel te hoog. Een duidelijke indicatie voor een slechte luchtkwaliteit en dito ventilatie. Daarnaast kampen veel scholen met een hoge energierekening, voornamelijk te wijten aan een slechte isolatie. ‘Verduurzaming van scholen is noodzakelijk, maar blijft vaak steken in ambities. De praktijk is weerbarstig, zo laat ook het luchtkwaliteit verbeteringsproject van acht scholen in Veldhoven zien’, zegt Jan van Hout, directeur van Energy Service Company (ESCo) OVVIA. ‘Maar als je het financieel slim aanpakt kan je allerlei maatregelen doorvoeren zonder zware aanslag op de schoolfinanciën.’

De opdrachtgever als partner

‘Ja, maar…’ Het is het standaardantwoord dat Jan van Hout krijgt als hij gebouwbeheerders benadert met verduurzamingsvoorstellen. ‘Iedereen onderkent het feit dat de energieprijzen stijgen, iedereen weet dat de regelgeving op het gebied van CO2-uitstoot steeds verder aangescherpt wordt. En wat men er ook van vindt: iedereen is op de hoogte van de klimaatproblematiek. Toch blijkt het voor verhuurders en overheden vaak erg lastig om met hun gebouwen op die situatie in te spelen. Soms hebben ze het geld niet, soms zien ze door de bomen het bos niet meer of in andere gevallen hebben ze er de moeite niet voor over.’

ESCo: denk vanuit de financiële realiteit van een klant

Waarom een ESCo kansrijk is

Een ESCo werkt omdat een ESCo zelf gebaat is bij verduurzaming van een school. Door het toepassen van energiebesparingsmaatregelen al dan niet in combinatie met maatregelen voor het verbeteren van het binnenklimaat komt er jaarlijks een bepaalde kasstroom vrij bij de school. Een deel van dit geld wordt besteed om de investeringen in deze maatregelen af te betalen. Een deel gaat als honorarium naar de ESCo. Het realiseren van besparingen bij de klant is dus direct gekoppeld aan het voordeel van de ESCo. Scholen zouden energiebesparingsmaatregelen en maatregelen voor het binnenklimaat met geld van de gemeente ook zelf kunnen uitvoeren. In de praktijk blijkt dit echter lastig. Gemeenten kampen met bezuinigingen waardoor de verantwoordelijke binnen een gemeente vaak geen investeringsbudgetten tot zijn beschikking heeft. En besluitvormingstrajecten over dit soort budgetten via het College duren lang. In een ESCo is dat niet aan de orde, omdat de investeringsbudgetten (grotendeels) uit de koker van de ESCo komen. Een school omzeilt hiermee ook het split incentive. Zowel gemeente (eigenaar) als schoolbestuur (huurder) hoeven namelijk zelf geen geld te investeren. Ze zien wél direct een lager energiegebruik en beter binnenklimaat.

Een school wil een goed en gezond binnenklimaat. Het liefst compleet met kwaliteiten prijsgarantie. ‘Hoe we dat installatietechnisch aanpakken, heeft niet zijn eerste interesse. Dat is onze zorg’, zegt Van Hout. ‘Scholen hebben weinig mogelijkheden om zelf grote investeringen te doen. Maar wie niets doet, ziet zijn cashflow richting energieleveranciers gaan. Wij konden echter laten zien dat we schoolgebouwen kunnen verduurzamen zonder het schoolbestuur met een investeringslast op te zadelen.’ Van Hout benoemt daarmee de essentie van de ESCo. ESCo’s verrichten energiebesparende aanpassingen in een gebouw, geven hierop een prestatiegarantie en kunnen zorgen voor de financiering. De klant profiteert direct van deze aanpassing, omdat zijn exploitatielasten gegarandeerd dalen. Het door de ESCo geïnvesteerde bedrag wordt terugbetaald uit de jaarlijkse energiebesparing van de klant. Gunstig voor de klant, maar ook goed voor OVVIA. ‘Op die manier kunnen we toegevoegde waarde leveren als bedrijf én kunnen we garanties geven op het energiegebruik van onze klanten.’

Kiezen voor een hogere investering met lage exploitatielasten

Van Hout wil niet alleen het probleem schetsen, hij wil er ook wat aan doen. In de vestigingsplaats van zijn bedrijf OVVIA, Veldhoven, startte Van Hout samen met de gemeente en een achttal scholen in 2007 een verduurzamingsproject dat begin dit jaar werd afgerond. De doelstelling was in dit geval gericht op het verbeteren van het binnenklimaat in 140 lokalen, waarbij de energiekosten zo laag mogelijk moesten blijven. Inmiddels zijn alle lokalen fris gemaakt.

In de aanpak kreeg Van Hout een steuntje in de rug van de gemeenteraad van Veldhoven. Na onderzoek presenteerde gemeente Veldhoven in 2007 vier keuzemogelijkheden om de luchtkwaliteit te verbeteren. Van Hout: ‘De keuzes varieerden van een lage investering van 1,4 miljoen euro in combinatie met hoge exploitatielasten tot een hogere investering van 3,4 miljoen euro in combinatie met lage exploitatielaten. In de laatste meer duurzame optie was warmteterugwinning (WTW) verwerkt. De gemeente was bereid om zelf 1,4 miljoen bij te dragen aan het project. Van Hout rekende uit dat met een installatie zonder WTW de energiekosten per jaar met 35 procent zouden toenemen. Zou er wel WTW worden toegepast, dan zou de kostenstijging maximaal 10 procent per jaar bedragen. Van Hout stelde het schoolbestuur voor om een hogere investering te doen, om te voorkomen dat de energiekosten te hoog zouden oplopen. Van Hout: ‘Probleem is dat scholen uit het primair onderwijs niet zondermeer mogen investeren in gebouwen. Daarom stelden wij voor om de investeringen over te nemen.’

Financiële constructie onder druk

Voorgestelde ESCo-constructie Veldhovense scholen:

Van Houts bedrijf OVVIA richt een aparte BV op die formeel eigenaar is van de ventilatie-installatie. De BV wordt gefinancierd met de door het school bestuur beheerde gelden van de gemeentesubsidie. OVVIA en een extra Rijkssubsidie vullen het resterende bedrag aan. De BV beheert gedurende een periode van 10 jaar het binnenklimaat van de scholen. De school betaalt hiervoor jaarlijks een bedrag aan de BV. Op zijn beurt betaalt de BV jaarlijks een bedrag aan OVVIA, waarmee OVVIA’s financiële bijdrage aan de BV wordt afgelost. Na de periode van 10 jaar neemt de gemeente Veldhoven, als gebouweigenaar, formeel de luchtbehandelingsinstallatie over.

Helaas haalde dit voorstel de eindstreep net niet.

Van Hout ontwikkelde vervolgens een financieringsplan waarin een aparte BV zou worden opgericht (zie kader). Het plan kreeg echter geen doorgang. Het schoolbestuur had inmiddels enkele personele wijzigingen ondergaan en gaf uiteindelijk de voorkeur aan de lagere investering, oftewel de conventionele levering van de luchtbehandelingsinstallatie. Het project is dus gewoon doorgegaan, maar op een iets minder innovatieve wijze wat betreft financiering. Centraal motief in deze beslissing was het gegeven dat het ministerie van OCW de constructie niet zwart op wit kon fiatteren. Van Hout: ‘Op papier hadden we een prachtige case. Groot voordeel van de constructie met de aparte BV was de Energie Investeringsaftrek die hiermee in het vizier kwam. Dat zou een aanzienlijk belastingvoordeel met zich meebrengen, waarvan het nettoresultaat direct ten gunste van onze klant zou zijn. We hadden het concept doorgesproken met diverse adviserende partijen en ook het ministerie van OCW had formeel geen bezwaar. Het leek er op dat alle seinen op groen stonden’.

Kennis delen met gemeentes en scholen

Voor Van Hout was het niet doorgaan van de constructie met de BV uiteraard een teleurstelling. Toch treurt van Hout niet: ‘We hebben in de voorbereiding enorm veel kennis opgedaan over de manier waarop we als ESCo overheid en onderwijs kunnen bedienen. We weten nu wat we anders moeten doen. Met deze kennis treden we nu succesvol nieuwe klanten en doelgroepen als partner tegemoet.

OVVIA heeft inmiddels vele provincies, schoolbesturen en gemeenten gesproken en geadviseerd. Van Hout: ‘In provincie Gelderland worden scholen en gemeentes centraal benaderd en begeleid waardoor het mogelijk moet zijn om in de nabije toekomst scholen daadwerkelijk fris te maken. Zo’n 200 scholen hebben zich aangemeld om het probleem van een slecht binnenklimaat op te lossen samen met de bijbehorende gemeenten. Een ESCo-constructie behoort zeker tot de meer kansrijke modellen, want ook hier moeten gemeenten en schoolbesturen afslanken en verfrissen. Oftewel doelen bereiken met een beperkt startkapitaal.’. Weet niet zeker of ze van toepassing zijn!

Agentschap NL stimuleert duurzame gebouwen

Agentschap NL ondersteunt beleggers, projectontwikkelaars, gemeenten, gebouweigenaren en eindgebruikers bij het duurzaam bouwen, renoveren en beheren van gebouwen. Een duurzaam gebouw leidt tot lagere energiekosten, een beter binnenmilieu, meerwaarde van het vastgoed en een beter bedrijfsimago. Meer weten over rendement, techniek, maatregelen, instrumenten, regelgeving en financieringsmogelijkheden? Kijk op: www.agentschapnl.nl/duurzamegebouwen.

Inzoomen op ESCo’s

Voor meer specifieke informatie over ESCo’s kunt u gratis de whitepaper ‘ESCo voor wederzijds voordeel en gratis energiebesparing’ downloaden via www.fmm.nl/gratis-whitepaper-esco-voor-wederzijdsvoordeel.118851.lynkx.

Ook kunt u terecht bij het recent opgerichte ESCoNetwerk (www.esconetwerk.nl), een onafhankelijk platform dat gevalideerde informatie biedt over ESCo's aan gemeenten, bedrijven en instellingen. Agentschap NL neemt deel in de Raad van Advies van het ESCoNetwerk.

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Advertentie

December uitgave

Partners