Servicecentrum Scholenbouw: “Gemeenten zijn bereid tot doordecentralisatie als de financiële concequenties in de begroting passen”

E-mailadres Afdrukken

Op gezamenlijk verzoek van de VO-raad en VNG startte Servicecentrum Scholenbouw (SCS) dit najaar een aantal proefprojecten met doordecentralisatie in het voortgezet onderwijs. Hoewel de definitieve besluitvorming in de meeste deelnemende gemeenten nog moet worden afgewacht lijkt het zogenaamde 'activeringsscenario' zijn vruchten af te werpen.

Hoewel de VO-raad en VNG principieel van mening verschillen over de vraag of de wet moet worden aangepast als het gaat om de verdeling van taken en middelen tussen gemeente en schoolbestuur, hebben ze elkaar wel gevonden in een gezamenlijke inzet bij het zgn 'activeringsscenario'. Dit houdt in dat gemeenten en schoolbesturen in het VO worden aangemoedigd om gebruik te maken van de bestaande wettelijke mogelijkheid van doordecentralisatie. Gemeenten en schoolbesturen gaan dan een overeenkomst aan waarbij de gemeente een jaarlijkse vergoeding beschikbaar stelt op basis waarvan het schoolbestuur de huisvesting zelfstandig ter hand kan nemen en zelf voor de financiering zorg draagt. SCS heeft daartoe een stappenplan ontwikkeld met een bijbehorend reken- en contractsmodel.

SCS heeft in acht gemeenten een verkenning uitgevoerd, uitmondend in een rapportage met een aantal aanbevelingen. Deze rapportages zijn inmiddels opgeleverd en fungeren als onderlegger voor definitieve besluitvorming bij de gemeente en de betrokken schoolbesturen. Hoewel uiteindelijk pas een akkoord over doordecentralisatie kan worden genoteerd als ook de gemeenteraad formeel heeft ingestemd, bestaat de indruk dat een ruime meerderheid van de proefprojecten uiteindelijk zal resulteren in een getekende overeenkomst. Dit overtreft de verwachtingen. De wet biedt al jaren de mogelijkheid van doordecentralisatie, terwijl deze in de praktijk maar mondjesmaat wordt toegepast. Juist in een tijd waarin het Rijk bezuinigingen aankondigt, werd verwacht dat de belangstelling voor doordecentralisatie minimaal zou zijn bij gemeenten.

Belangstelling gemeenten

Toch lijkt de aanpak succesvol en waren het vooral gemeenten die zich hebben gemeld voor een proefproject. De belangstelling vanuit de hoek van de scholen was daarentegen lager dan verwacht. Een verklaring voor de toenemende interesse vanuit de gemeenten zou kunnen worden gevonden in het beleid van gemeenten om een aantal taken af te stoten door deze zoveel mogelijk bij subsidieafhankelijke instanties te beleggen (zgn 'kerntaken'-discussie). Doordecentrali-satie sluit volgens een aantal gemeentebesturen kennelijk goed aan bij een dergelijke heroriëntatie op het eigen takenpakket.

De bezuinigingsronde fungeert daarmee in feite juist als prikkel tot doordecentralisatie. Gemeenten zien in doordecentralisatie ook een mogelijkheid om sturing te geven aan een aantal beleidsdoelen op het vlak van onderwijshuisvesting. Middels een aantal voorwaarden in de overeenkomst kan een gemeente immers ook invloed uitoefenen op de besteding van jaarlijkse vergoedingen aan het schoolbestuur. Zo wordt in de gemeente Uden gewerkt aan een gedeelde visie op de spreiding van het onderwijsaanbod op ver-schillende locaties in de gemeente. Het ligt in de bedoeling deze als voorwaarde op te nemen in de overeenkomst met het Udens College.

Doordecentralisatie is niet alleen een 'modern' sturingsinstrument (op afstand) maar biedt wat dit betreft zelfs meer mogelijkheden dan een beschikking op basis van de huisvestingsverordening. Aan een dergelijke beschikking kunnen immers alleen voorwaarden worden verbonden die verband houden met realisatie van een huisvestingsvoorziening en bijvoorbeeld niet met de inhoud of spreiding van het onderwijs.

Wiel Sporken (directeur bestuurder Udens College): “Met een dergelijke voorwaarde kunnen we goed uit de voeten. Een gesprei-de huisvesting in een VMBO- en VWO-AVO locatie is voor ons immers ook het uitgangspunt bij de toekomstige nieuw- en verbouwplannen. Ook een gemeenteraad zal eerder bereid zijn in te stemmen, als je als school inzicht geeft in de besteding van middelen.”

Focus op financiën

Intussen blijken gemeenten pas bereid als de financiële consequenties van doordecentralisatie in zijn te passen in hun gemeentebegroting. In het stappenplan van het SCS ligt de focus dan ook op de financiële afweging. Het ontwikkelde rekenmodel geeft niet alleen inzicht in de ontvangsten van de gemeente vanuit het gemeentefonds, maar biedt ook een overzicht van lopende en toekomstige kapitaalslasten van de gebouwen in het VO. Voor de input van de berekeningen wordt gebruik gemaakt van de in de gemeentelijke jaarverslaggeving opgenomen boekwaarden en de investeringsramingen die vaak al zijn gemaakt in het kader van een gemeentelijk huisvestingsplan.

Ad van der Wiel (bestuurder van de Verenigde Scholen J.A. Alberdingk Thijm Voortgezet Onderwijs te Hilversum): “Het is natuurlijk interessant om te weten over welke inkomsten de gemeente kan beschikken voor de huisvesting van het VO, maar nog belangrijker is te weten of je door de oormerking van deze middelen voldoende dekking verkrijgt voor de lopende en toe-komstige investeringslasten. Het rekenmodel geeft in feite inzicht in de ontwikkeling van de 'hypotheekschuld' op de lange termijn. De financiële inspanning, die deze met zich meebrengt, betreft in feite ook de gemeente zelf. Daarmee ontstaat een goede basis om op een zakelijke manier te onderhandelen over de wijze waarop een overstap naar doordecentralisatie zowel voor de gemeente als voor de schoolbesturen financieel verantwoord kan verlopen.”

Belang onafhankelijk advies

De zakelijke insteek is van belang om tot rapportage en een reeks aanbevelingen te komen die door zowel de gemeente als de schoolbesturen wordt onderschreven. De rapportage komt tot stand na een aantal sessies met deelnemers vanuit de scholen en de gemeente, bij voorkeur niet op politiek bestuurlijk, maar op ambtelijk niveau. Daarbij worden alle gegevens verzameld die naar het oordeel van de deelnemers relevant zijn voor de voor de verdere, politieke besluitvorming. Bij de sessies kwam telkens naar voren dat het van groot belang is om een onafhankelijk adviseur te betrekken bij de verkenning. Vooral de interne besluitvorming bij de gemeente kan daardoor aanzienlijk worden versneld.
Verder met het activeringsscenario?

Naar verwachting zal een tweede tranche van proefprojecten worden opgestart. Wilt u op de hoogte blijven, meldt u dan aan voor de nieuwsbrief van SCS. Men kan ook zelf aan de slag. Op www.scsb.nl kunt u de volgende modellen downloaden: het afwegingskader doordecentralisatie, het rekenmodel doordecentralisatie, een modelcontract en een ruimtebehoefte-/investeringskostenmodel. Deze documenten zijn vrij beschikbaar.

Meer weten over de mogelijkheden van doordecentralisatie? Neem dan vrijblijvend contact op met Jan Schraven, Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. .

Deel dit artikel op:

 

Trefwoorden

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Juni uitgave

Partners